11/10
Het in 1930 te Gent gestichte LVSV kreeg in 1932 een zusterafdeling aan de universiteit van Brussel, die toen nog op de Rooseveltlaan gevestigd was. Een echte bloeiperiode kende het echter niet wegens het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog. Daardoor werd quasi elke politieke activiteit lamgelegd en werden vele leden en oud-leden actief in het verzet. Het zou tot 1947 duren vooraleer LVSV Brussel weer actief werd.
In de jaren í50 waren politieke studentenverenigingen weinig actief – in tegenstelling tot bijvoorbeeld het ìRechtsgenootschapî, dat allerhande welsprekendheidstornooien en reconstituties van assisenzaken op touw zette. Ook was dit de periode van de zogenaamde schoolstrijd. Een beperkte opkomst op activiteiten verplichtte het toenmalige bestuur met Jean-Louis Rens als voorzitter ertoe eerder interne werkvergaderingen te plannen, die uiteraard intern zeer verrijkend waren. Een andere reden voor de beperkte interesse (politiek grotendeels apatische studentenpopulatie) was de kleine minderheid die de Nederlandstaligen vormden aan de Brusselse universiteit. Solidariteit tussen Vlamingen was de boodschap, en aldus verenigden zij zich in het verbond ìGeen taal, geen vrijheidî. Logisch gevolg hiervan was dat een eventuele te sterke uitbouw van politieke kringen beschouwd werd als een gevaar voor de Vlaamse solidariteit.
Naarmate de 50íer jaren vorderden en de verdubbeling van de ULB in een ULB en een VUB een feit begon te worden, groeide LVSV Brussel verder; dit niet enkel qua ledenaantal, maar ook qua politieke (ëmen doet aan politiek of men doet het nietí) en studentikoze (ëmen is student of men is het nietí) activiteiten. Deze trend zette zich verder in de jaren í60. Het mag gezegd worden dat ñ ondanks het droevige feit dat liberale studenten afgeschilderd werden als rijkeluiskinderen en men op meer sympathie van de medestudent kon rekenen wanneer men zich rood afficheerde ñ het LVSV de belangrijkste Nederlandstalige politieke vereniging van de universiteit was. Voorts heeft deze generatie LVSVíers ongetwijfeld haar steentje bijgedragen tot de verdere vernederlandsing en autonomisering van onze universiteit.
In het woelige jaar 1968 waren vele Brusselse LVSVíers actief tijdens de mei-juni-bezetting, waarop een grote bloeiperiode o.l.v. Freddy Neyts volgde. In november van hetzelfde jaar haalde het blad ìBlauwzuurî zelfs een oplage van niet minder dan 2000 exemplaren. Degenen die een aantal jaren voorheen als rijkeluiskinderen werden bestempeld, werden nu revolutionairen genoemd. Dit o.a. naar aanleiding van een internationaal manifest van LVSV Brussel, waarin gepleit werd voor de diplomatieke erkenning van Oost-Duitsland en de opvatting dat revolutie de enige manier was om in de derde wereld van de toenmalige dictaturen verlost te geraken.
De eerste helft van de jaren í70 werden beheerst door een probleem dat de samenleving sterk beroerde, namelijk abortus. Verder ging veel aandacht naar de verregaande regionalisering van het socio-culturele leven ten gevolge van de grondwetsherziening van 1970. Voor de liberale student had dit de omvorming tot gevolg van het overkoepelende BLSV (Belgisch Liberaal Studentenverbond) naar het LSV (Liberaal Studentenverbond) aan Vlaamse zijde en de FEL (FÈdÈration des Etudiants LibÈraux) aan Waalse zijde. Deze generatie met aan het hoofd Antoon Lambrechts en zijn opvolger Karel De Gucht was eveneens de laatste die nog samen met Franstaligen op ÈÈn universiteit zaten. Ze pleitte volmondig voor een consequent humanisme en was tegenstander van onverdraagzaamheid en het huichelachtige klerikalisme.
Na een bezinningsperiode in het midden van de jaren í70, die voorafgegaan werd door een ogenschijnlijke vergaloppering in het anti-links-zijn, ging LVSV Brussel weer beklemtonen waar het wÈl voor stond. Groots opgezette debatten en pamfletten, maar ook niet-politieke activiteiten kregen weer meer aandacht onder het voorzitterschap van Patrick Dewael. Ook op het Vlaamse politieke landschap kon LVSV Brussel haar stempel drukken, bijvoorbeeld toen LVSV en de PVV-jongeren er op het ìIdeologisch Congresî van de PVV erin slaagden het liberalisme een nieuwe weg in te laten slaan.
In de jaren í80 en í90 bleef LVSV Brussel – mede dankzij oud-voorzitters Ludo Vandervelden, Peter Martin en Jan Kempinaire – veruit de grootste politieke kring aan de VUB, met uiteenlopende activiteiten op en rond de VUB-campus. Ook werden de internationale contacten geconsolideerd onder de leiding van Elfro De Neve.
2007: Het Liberaal Vlaams Studentenverbond is niet weg te denken, noch uit de Vlaamse universiteiten, noch uit het Vlaamse politiek landschap. En LVSV Brussel st‡‡t er, geestdriftiger en kritischer dan ooit. En het blijft de principes van vrijzinnigheid, het individu en onafhankelijkheid, maar ook kameraadschap en studentikoziteit hoog in het vaandel dragen.
Nathalie Alen.
Met dank aan het Liberaal Archief.
